Juli 2006
Het leven is een grote stroomversnelling binnengegaan. We bevinden ons in een draaikolk, een grote wervelende sluis, die uitmondt in een totale vernieuwing van het leven.
Ik zie een beeld van een draaikolk, waarin we schijnbaar naar beneden worden gezogen om het nauwe eind van de draaikolk door te gaan. En als we daar met kracht doorheen gaan, worden wij als een vuurpijl afgeschoten. Vervolgens zie ik een grote fontein van sprankelend goud licht ontstaan. Als we maar niet bang zijn om met de ogenschijnlijke neerwaartse beweging van de draaikolk mee te gaan, zullen we door de nauwe poort gaan die tot een geweldig grote vernieuwing leidt. Dan wordt onze toekomst een sprankelende fontein van goud licht.
Ja, denkt u misschien, weer zo’n gouden belofte voor over honderd jaar, zo niet langer. Maar gelukkig mag ik dit hier gelijk weerleggen. Het beeld van de draaikolk, de sluis en het bijna exploderend binnengaan van het nieuwe leven, kan in elk mens nú plaatsvinden. Het vraagt echter een totale overgave aan de beweging van het leven. Want met hoe minder weerstand je deze fase van het leven ingaat, des te sneller schiet je je nieuwe leven, je opstandingsleven, in!
Overgave als kracht van vernieuwing
Lijden hoeft niet meer, dat willen we ook niet meer. Dan is er maar één antwoord op het beeld dat net geschetst is: overgave. Want als het leven zo’n grote draaikolk binnengaat, dan kunnen we ons daar toch niet tegen verzetten. Denk maar eens aan water dat wegloopt als je de stop uit een volgelopen bad trekt. Gorgelend stort het water zich naar beneden, de afvoer in. Het vormt een flinke kolk en binnen een paar seconden is het bad leeg.
Het leven is een stroomversnelling binnengegaan, is zelfs in een draaikolk terechtgekomen. Alles wat leeft wordt meegezogen. Wij hoeven ons alleen maar over te geven, want des te eerder zijn we door de stroomversnelling heen en des te sneller zijn we in de nieuwe situatie van leven gekomen: de sprankelende gouden fontein die ons leven dan zal zijn.
Verzetten tegen de evolutie heeft geen zin, verzetten tegen de loop van het leven ook niet. Evenmin is het verstandig om tegen te stribbelen tegen de loop die óns leven wil nemen. Ons leven is immers onderdeel van hét leven en wordt met het leven mee door de draaikolk gezogen naar het nieuwe.
De goddelijke wil gaat boven de menselijke wil. Zíjn wil zet de evolutie aan, voedt de loop van het leven en richt daarmee ook ons leven. De Schepper wil dat elk levend wezen nu aan zijn Geest zal gehoorzamen. De goddelijke Geest incarneert in het leven, incarneert ook in ons. Dat zet de grote stroomversnelling aan, dat roept de grote draaikolk van het leven op. Onze persoonlijkheid, ziel en geest werden reeds op de Geest gericht en worden nu aangestuurd door de Geest. Het grote spel is begonnen. Deze zonnewende heeft de Geest zich met zo’n grote kracht over het leven uitgestort, dat het de reeds genoemde stroomversnelling is binnengegaan.
Als rafters op de Zambezi
Wij zijn nu als wild-water-vaarders op de Zambezi, een rivier waarin enorm grote stroomversnellingen zijn. Wij zitten op een vlot en peddelen als een bezetene om ons staande te houden, terwijl ons vlot – met donderend geraas – door de rivier wordt meegenomen. Het is duidelijk dat de rivier daarbij het tempo bepaalt. Een overlevingstocht is begonnen en dat vraagt alle inzet.
Je weet dat de wild-water-vaart niet zonder gevaar is, maar als je je vlot maar flink tussen de rotsblokken heen manoeuvreert, kom je zonder kleerscheuren beneden in het dal, waar het water tot rust is gekomen en de prachtige natuur om je heen je weer roept om bewonderd te worden en je opneemt in haar stilte.
Bij een wild-water-vaart moet je altijd goed luisteren naar de stuurman. Hij kent de rivier op zijn duimpje en ook de gevaren op de weg. Van te voren maakt hij ook altijd goede afspraken met allen die meegaan. Als hij zegt “links”, dan peddel je ook links. Roept hij “rechts”, dan peddel je rechts. Bij “ho” stop je onmiddellijk en als je hard moet, peddel je bij het leven. Je weet immers dat je overleving op de rivier daarvan afhangt.
Je moet de rotsblokken omzeilen en de nijlpaarden die daar verderop in de rivier liggen, zeker! Want die zijn heel wat gevaarlijker dan een rotsblok. Een rotsblok is: boem, au en ho! Een nijlpaard is: boem, au, ho en hap! U begrijpt het al: totale overgave aan het leven, goed samenspel met je innerlijke leiding is de weg om de wild-water-vaart van het leven zonder kleerscheuren te overleven. Dat wil zeggen: dat je zo snel mogelijk en zo positief mogelijk door de draaikolk, de vernieuwende sluis, heen zult gaan!
De quantumsprong van de evolutie
Tijdens Hemelvaart 2006 is een grote opgang van het leven en een grote versnelling van de evolutie ingezet. Met de zonnewende was het zover: de Kapitein gaf het signaal: de wild-water-vaart was begonnen! Het leven ging de draaikolk binnen en sleurt ons nu de nauwe trechter in. Er wordt een quantumsprong in de evolutie gemaakt: we worden van de ene dimensie de volgende dimensie van het leven binnengezogen.
We gaan de poort door, een soort zwart gat, een black hole. We gaan van het ene galacticum het andere galacticum binnen. Van de wereld van de materie gaan we de wereld van de Geest binnen. Voor de mens betekent dit dat niet zijn menszijn meer voorrang heeft, maar dat de God in hem voorrang krijgt. In de symbiose van mens en God zullen we altijd eerst vanuit ons God-zijn handelen, want we zijn de wereld binnengegaan waarin de God in de mens de scepter zwaait en niet de mens, zijn persoonlijkheid.
De Geest krijgt voorrang
In april 2006 werd ons handelen verbonden met het hart, met de Geest, zodat het goddelijk kon worden. Ook de ziel kreeg een hogere afstemming, ze ontving nieuwe taken vanuit de Geest. De menselijke geest werd bolvormig om de God in ons vorm te kunnen geven. Daarmee kunnen we de sluis veilig door gaan om na onze quantumsprong de God in ons te herkennen en voorrang te verlenen boven ons menszijn.
Wij kunnen nu dus handelen vanuit de God in ons en in een wereld verblijven waarin de Geest voorrang heeft. In deze wereld zullen beslist niet meer de door de mens gedicteerde maatstaven van leven gelden, maar de God in ons zal ons nieuwe maatstaven aanreiken, waarmee ons leven, de maatschappij en het leven drastisch zullen veranderen. Zij zullen een volledig nieuw aanschijn krijgen, ze zullen volledig worden vernieuwd.
Wij, die veilig door de draaikolk zijn gekomen, die de quantumsprong van de evolutie hebben doorstaan, zijn de bouwers van een nieuwe wereld. We mogen wel eerst even bijkomen van de wilde vaart en ons weer laten omhullen door de rust van de natuur, om vervolgens aan land te gaan om te kijken wat het nieuwe leven, ons opstandingsleven – die prachtige gouden fontein – ons te bieden heeft.
Bouwers van een nieuwe wereld
Wij zijn de pioniers die de grote uitdaging van het nieuwe land, het nieuwe leven, zullen aangaan. Door deze uitdaging en uit de ervaring die daaruit geboren wordt, zullen we nieuwe regels, nieuwe gewoonten, vestigen. Hiermee bedoel ik beslist geen nieuwe wetten! Wetten houden verplichtingen in en die horen bij het oude leven vanuit het ego, dat we net achter ons hebben gelaten. We zijn hier immers in het land van Vrijheid aangekomen, dat ook het land van Liefde, Vreugde en Vervulling is. We zullen hier eerst mogen afkicken van oude plichtsbetrachtingen, om vanuit de God in ons het leven te bevrijden van zijn juk. Het juk van karma en zonde, het juk van moeten en plichtsbetrachting.
In de nieuwe wereld
In de wereld van Liefde, Vrijheid, Vreugde en Vervulling zal het Zijn (de God in ons) de oplossingen van het leven brengen, zal het Zijn de nieuwe levensstroom vormgeven. Wij zullen hier dus eerst leren om het Zijn in ons te vestigen en mogen leren mee te bewegen met de stroom van het leven. We zullen ons vereenzelvigen met het water van het leven – de Geest – en zachtjes meepeddelen met de stroom.
We mogen stroomafwaarts meebewegen met de rivier van het leven. We mogen genieten van de rust, de stilte van de natuur, en van de wonderen die het leven heeft voortgebracht. Zo hier en daar sturen we met de peddel wat bij, maar we laten vooral de rivier van het leven het werk voor ons doen. Er is geen strijd om te overleven meer. Slechts een gaan in Gods hand, in ons bootje, dat wordt meegenomen naar het dal, de eindbestemming van de rivier.
copyright: Sonia Bos
gebruik tekst toegestaan met bronvermelding

